In de krant heb je al kunnen lezen waar je op moet letten als je diabetes hebt en wat Maurice bijvoorbeeld wel en niet kan met diabetes. Hier lees je het vervolg van het interview met Maurice.
Helpen je ouders je met je diabetes?
Ja, die tellen de koolhydraten en rekenen uit hoeveel insuline ik moet krijgen en geven me om de twee dagen een nieuw infuus.
Weten je vriendjes en vriendinnetjes dat je diabetes hebt en kunnen ze je helpen?
Ja, dat weten ze. Af en toe vinden ze het niet zo leuk, omdat ik me dan niet fijn voel en niet met spelletjes mee kan doen in de pauze. Maar ze hebben er wel belangstelling voor, ze stellen vaak vragen, vooral toen ik op mijn nieuwe school kwam. Mijn vriendjes hoeven me niet te helpen.
Krijg je hulp op school?
Ze weten er op school wel van, dus als het nodig is dan kunnen ze helpen.
Kun je gewoon sporten met je diabetes?
Ja, ik kan alle sporten doen, dat gaat goed. Als ik maar op mijn bloedglucose waardes let. Ik speel nu badminton, hiervoor train ik twee keer per week en ik ga binnenkort ook nog competitiespelen. Ik ben zelfs al één keer clubkampioen geweest.
Ken je nog andere kinderen met diabetes?
Ja, er zijn nog twee andere kinderen bij mij op school met diabetes. Eentje ken ik, we hebben ook bij elkaar in de klas gezeten in groep zes. Af en toe wisselen we stripjes voor de bloedsuikermeter uit. Als die van mij op zijn haal ik het bij hem en andersom.
Doen kinderen wel eens vervelend omdat je diabetes hebt?
Nee, nog nooit.
Mag je wel snoepen met je diabetes?
Ja, maar ik moet er wel insuline voor geven, in snoep zitten namelijk veel koolhydraten. Ik moet altijd goed nadenken als ik een snoepje neem.
Kan je van diabetes afkomen?
Nu nog niet. Ze doen er wel onderzoek naar, dus misschien dat het later wel kan.